Boeken:
In het Spoor van de Moor
In het Spoor van de Katharen
In het Spoor van de Troubadour
De volmaakte ketter
Jan van Scorel
Marcabru
Waarom vraag je me te zingen...?
Non nobis
|
Prijs
|
Hanny Alders, schrijfster van historische romans, reist naar de Languedoc in het zuiden van Frankrijk, een streek met een bewogen geschiedenis waarin de middeleeuwse ketterse beweging van de Katharen een onuitwisbare rol heeft gespeeld. Wie waren deze geweldloze 'Goede Christenen', dat Rome het nodig vond een kruistocht te prediken om hen uit te roeien ? Ze bouwden geen kerken of kloosters, bezaten geen kunstschatten, produceerden geen kostbare verluchte manuscripten. Ze hadden geen andere bezittingen dan de huizen waarin ze woonden en werkten en een paar vellen perkament waaop het Nieuwe Testament geschreven stond. Wat rest er nog van hen behalve de sporen van de oorlog die een bloeiende samenleving ruïneerde, een hele cultuur wegvaagde ? Bestaan ze eigenlijk nog ? In het voetspoor van de Katharen betreedt de schrijfster bekende plaatsen als Béziers, Carcassonne, Foix en Montségur, maar ook minder bekende zoals de verzetshaard Lastours Cabaret, ook wel het tweede Montségur genoemd, en Le Mas Saintes Puelles, waar het hart van de Katharen werkelijk klopt. |
|
ISBN |
Wanneer de paus in het jaar 1209 de gelovigen oproept tot een kruistocht tegen de ketters in het zuiden van Frankrijk, trekken drie broers en een neef van het geslacht Poissy ten strijde.
Volgens de kronieken sneuvelen twee van hen een paar maanden later tijdens een belegering. Wat de overgebleven Poissy's niet weten is dat de jongste broer Amaury niet is omgekomen, maar verzeild is geraakt tussen de aanhangers van het ketterse geloof. Hij leert
Colomba kennen, een jonge Kathaarse die hem de geheimen van haar geloof onthult. Hun prille liefde wordt wreed verstoord door de steeds verder oprukkende kruisvaarders. Ze slaan op de vlucht en worden daarbij geholpen door een raadselachtige Fries. De tragedie van deze twee jonge mensen wordt afgeschilderd tegen de achtergrond van de geschiedenis: de kruistocht tegen de Katharen, van de eerste roerige maanden van de invasie in de Languedoc tot en met de belegering van het legendarische bastion op de Montségur. |
![]() ISBN
ISBN
|
In 'Jan van Scorel, een leven in schetsen' vertelt Hanny Alders het levensverhaal van de beroemde schilder, architect en waterbouwkundige. Het is het verhaal van een ambitieuze, energieke, nuchtere
Noordhollander, die door de gaven van zijn genie en door zijn contacten met grotere en kleinere machthebbers en intellectuelen in de gelegenheid was de ideeën van de Renaissance in de Nederlandse schilderkunst te introduceren en verbreiden.
De kroon op de carrière van deze Hollandse Leonardo da Vinci was de gedurfde drooglegging van de
Zijpe, een kweldergebied ten noorden van het dorp Schoorl, waar hij bij het verschijnen van deze roman 500 jaar geleden werd geboren.
Hanny Alders werd in 1946 in Rotterdam geboren. Na omzwervingen in verschillende kunstvormen keerde ze terug naar haar twee jeugdliefdes: schrijven en geschiedenis. In 1987 debuteerde ze met de historische roman 'Non Nobis', die met het Gouden Ezelsoor werd bekroond, gevolgd door de novelle 'Waarom vraag je me te zingen ?' in 1988 en 'Marcabru, troubadour, huursoldaat en vrouwenhater' in 1992. |
![]() ISBN
ISBN
|
Omstreeks het jaar 818 wordt een kleine jongen door zijn ouders aan het klooster van Fulda (Hessen) geschonken.
Temidden van andere kind-monniken groeit Godeschalk op, maar hij is niet gelukkig. Hij vecht om zich te bevrijden van de enge banden van het klooster en slaagt er zelfs in Fulda te ontvluchten. Dan ontdekt hij de geschriften van Augustinus die een keerpunt in zijn leven betekenen. Hij reist naar Rome, predikt in Noord-Italië en onderneemt een missiereis naar de Balkan. Ten slotte gaat hij terug naar Duitsland om een aankloacht wegens ketterij te weerleggen. De laatste twintig jaar van zijn leven brengt Godeschalk door in de strafcel van een klooster in Noord-Frankrijk, vanwaar hij zijn geschriften de wereld in zendt. Eén daarvan is een lied van tien strofen, waarin steeds dezelfde woorden terugkeren: o, waarom vraag je me te zingen ...? |
|
|
'Non nobis', de omvangrijke historische roman over de ondergang van de tempelorde, is het literaire debuut van
Hanny Alders. Zij plaatst de lezer in het jaar 1307, als tempelridder Richard de Bastaard onder mysterieuze
omstandigheden Londen verlaat en zich naar Frankrijk begeeft, waar de sluwe Franse koning, Philips de Schone, de tempelorde beschuldigt van ketterij.
De titel van het boek is ontleend aan het devies van de Tempel: 'Non nobis, non nobis, Domine, sed nomini tuo da gloriam - niet ons, niet ons, Heer, maar U zij de glorie'. Met de zelfde opofferingsgezindheid en zelfverloochening zet Richard de Bastaard zich in om de orde van de ondergang te redden. Tegelijkertijd zoekt hij naar het geheim dat de Tempel bewaart over de waarheid rond zijn geboorte, wordt Richard in zijn strijd niet alleen geconfronteerd met de Franse koning, de slappe houding van Clemens V, met edelen en geestelijken, maar ook met zijn eigen broeders en drie vrouwen, die hem elk op hun eigen manier begeren. Als deze strijd tenslotte gestreden is en hij daar lichamelijk en geestelijk gehavend uit verrijst, heeft hij weliswaar gevonden wat hij zocht, maar blijkt het voor veel dingen te laat te zijn. |