Niets groeit in het maanlicht - Torborg Nedreaas
Jonge vrouw doet haar openhartige relaas
Liefde is de hoofdoorzaak van haar neerslachtigheid
Als een man op het station een jonge vrouw ontmoet met een koffer, gaat ze met hem mee naar zijn huis en vertelt daar haar verhaal. Haar bekentenissen vullen het hele boek. Het boek is heel toegankelijk, ik begon drie uur ’s middags en de volgende ochtend had ik om kwart over negen ’s morgens al 180 pagina’s (van de 220) gelezen. Dit boek van de Noorse schrijfster Torborg Nedreaas is een van de klassiekers die uitgeverij De Geus heeft uitgegeven. Al eerder verscheen de herdruk van De wederhelft uit 1976 van Gun-Britt Sundström als klassieker.
Neerslachtigheid
Met absint en wijn doet ze al rokend haar verhaal. Liefde blijkt de hoofdoorzaak van haar neerslachtigheid. Ze vertelt over haar minnaar, de onderwijzer Johannes met wie ze vijf dagen een kamer heeft gehuurd in een klein plaatsje bij een fjord. Grotendeels vrijen ze, maar wandelen ook. De tijd vliegt om. Dan blijkt ze zwanger van hem. Ze overweegt om de foetus met tegenzin te laten verwijderen omdat hij de druk niet aan kan om vader te worden. Ze ontdekt dat hij toch andere vriendinnen heeft, die hij niet wil laten gaan. Dan laat ze de vrucht weghalen door de dokter, al twijfelt ze lang of ze het kind niet liever houdt, maar haar armelijke milieu geeft wellicht de doorslag. Haar moeder zonder tanden en veertienjarig broertje dat al arbeider aan het werk is.
‘Dunne havermoutpap’
Zelf werkt ze op haar achttiende al als schoonmaakster in een hotel, waar ze een gratis kamer krijgt, en combineert dat werkend in een winkel. In het dorp zijn de mensen ‘een dunne havermoutpap’. Iedereen eet hetzelfde. Als je zo niet bent wijk je af, en ben je bijzonder. Zoals Morck, de orgelspeler in de kerk. Met de handelsreiziger Mohn die ook in het hotel logeert gaat ze naar bed, maar met Morck heeft ze hele gesprekken en laat hem ’s nachts voor zich spelen in de kerk. Daar wordt vooral ’s zondags veel gezongen. Een man zegt tegen haar: ‘Niets groeit in het maanlicht.’ Precies hetzelfde zegt Morck tegen haar als ze in de nacht samen oplopen en afscheid nemen.
Over de auteur
Torborg Nedreaas (1906-1987) was een van Noorwegens meest geprezen schrijvers van de twintigste eeuw. Ze groeide op in de Noorse havenstad Bergen, waar ze werd geboren, was politiek geëngageerd en haar bekroonde romans en essays brachten haar linkse ideeën onder de aandacht van een breed publiek. Haar werk wordt nu eindelijk internationaal ontdekt.
Dorpsapotheker
Johannes blijft verstoppertje voor haar spelen. Als ze bij zijn huis is. is het licht aan en als ze er dichtbij komt gaat het weer uit en hij houdt de gordijnen geslote. Hij blijkt als nieuwe vriendin Svanhild te hebben, de dochter van de dorpsapotheker. Er is al over gepraat dat ze verloofd zijn. Daarna is er de aankondiging door de kansel van Johannes en Svanhilds huwelijk. De vertelster valt flauw in de winkel en eigenaar Madsen zegt dat ze naar huis moet gaan. Hij zal geen cent van haar loon inhouden. Ze eet ook slecht en besluit lekkere broodjes met o.a. verse boterhamworst mee te nemen voor haar moeder en broer, maar ze verorbert ze zelf. Eindelijk komt ze een beetje bij omdat ze aan zichzelf denkt en de vogels in het bos. Ze gaat naar haar zusje toe in plaats van naar haar moeder en broertje om voor het knulletje te zorgen. Ze mag hem eten geven. Zijn slabbetje ruikt zuur naar melk en zijn nekje naar warme baby. Ondanks het feit dat ze stroom heeft in haar appartement en warm water, is haar zus ontevreden. Er is nergens geschilderd, er is alleen blank hout. Het tweede kindje dat ze gemaakt hebben heeft haar zus weg laten halen. Liever dood, dan nog een kindje erbij. En dan is er de kale huur die ze moesten betalen. Als het niet om het geld zou gaan, had ze het kind kunnen houden. De eigenaar van de fabriek waar haar man Amund werkt als machinebankwerker woont in het buitenland en het bedrijf is eigendom van aandeelhouders en die willen winst maken om hun kapitaal te laten groeien. Zo zit dat. Nu ze het definitieve bericht heeft ontvangen dat Johannes met Svanhild getrouwd is, kan ze alle hoop laten varen. Ze denkt dat ze binnenkort gaat sterven…
Viswinkel
Als ze met Carl trouwt van de viswinkel, lijkt haar kostje gekocht. Toch kan ze een ontmoeting met Johannes niet uit de weg gaan, omdat hij niet honderd procent gelukkig is met Svanhild. Als ze thuiskomt bij Carl. ontdekt ze dat hij twee vulgaire vrouwen bij zich heeft in de slaapkamer. Hij jaagt ze daarna het huis uit en vermoedt dat zij ook wel vertrekt. Als ze dat zou doen, pleegt hij zelfmoord. En hij slaat haar op haar neus en lip.
Oplichterij
Het huwelijk is dus pure oplichterij, omdat het heilig wordt genoemd en onschendbaar. Het zijn gecamoufleerde transacties met een vast contract. Het kind maakt de vertelster weg met een breinaald en uiteindelijk begraaft ze de foetus. Organist Morck laat de kerkdienst in de steek, sluit zich op in zijn huis en wordt ontslagen. Als ze naar zijn huis gaat wordt er niet opengedaan. Hij heeft al dagen geleden zijn polsen doorgesneden.
Als ze haar verhaal heeft gedaan zit ze achterovergeleund en heeft haar ogen dichtgeslagen. Buiten is het volop dag, ‘het zong zijn grauwe lied’. Even later is ze weg. De toehoorder zoekt haar daarna meer dan dertien dagen en heeft haar niet teruggevonden, nog niet.
KdB
Torborg Nedreaas – Niets groeit in het maanlicht (oorspronkelijk verschenen als Av måneskinn gror det ingenting bij H. Aschehoug & Co (W. Nygaard) in 1947) vertaald uit het Noors door Michal van Zelm, De Geus, ISBN 978 90 556 5068 9, € 21,99, januari 2026
