Kop - Martin Hendriksma
Kop of munt met immense gevolgen
Hendriksma vertelt het gefictionaliseerde verhaal van zijn ouders
Kleine gebeurtenissen kunnen grote gevolgen hebben. In Kop, de nieuwe roman van Martin Hendriksma, is het een brief van een hen dan nog onbekend meisje die twee jonge soldaten in Nederlands-Indië in de tijd van de politionele acties uiteendrijft. Ze zijn hechte vrienden en allebei willen ze graag met dit volgens haar foto aantrekkelijke meisje schrijven. Uiteindelijk gooien ze kop of munt. Sybolt wint, Eddy heeft het nakijken. Het is een mini-gebeurtenis die grote gevolgen heeft. Hendriksma baseerde zijn verhaal op dat van zijn eigen ouders, maar zette het wel naar zijn eigen hand.
Over de auteur
Martin Hendriksma (Sneek, 1966) begon zijn loopbaan als journalist voor onder meer NRC, Vrij Nederland en de Volkskrant. In 2008 publiceerde hij zijn debuutroman Familievlees. Van zijn in 2017 verschenen boek De Rijn, biografie van een rivier werd in 2020 door Omroep Max een televisieserie gemaakt die gepresenteerd werd door Hendriksma zelf samen met Huub Stapel. Ook zijn boek Aan zee, een kroniek van de kust werd door deze omroep tot televisieserie verwerkt. Al zijn boeken hebben een historische periode of feit als achtergrond, dat vervolgens door Hendriksma daarna in fictie gegoten wordt.
Goeds
Na in de Hongerwinter maanden op een eilandje in een van de Friese meren ondergedoken te hebben gezeten, samen met zijn twee oudere broers, heeft de Friese Sybolt halverwege 1945 behoefte om nu eens iets goeds te doen. Hij meldt zich aan als vrijwilliger, met de bedoeling om aan de kant van de Amerikanen mee te gaan vechten. Maar het wordt uiteindelijk Nederlands-Indië. Samen met tientallen andere Nederlandse jongens vaart hij naar Soerabaja en sluit onderweg al snel vriendschap met Eddy, een vriendschap die in de maanden erna steeds hechter wordt.
Hart onder de riem
Totdat die brief bij de post zit. Een meisje in Utrecht heeft een oproep gelezen om brieven aan de jongens in Indië te schrijven en hen zo een hart onder de riem te steken. Zowel Eddy als Sybolt vinden haar leuk en ze gooien een muntje er om wie van de twee haar mag schrijven. Sybolt wint. Vanaf dat moment is hun vriendschap voorbij. Ze gaan elkaar zoveel mogelijk uit de weg en zelfs als Eddy Sybolt later het leven redt, blijft het ongemakkelijk tussen de twee, misschien zelfs wel juist daarom. Want moet Sybolt zijn Lien met wie hij inmiddels intensief correspondeert nu niet als dank aan Eddy afstaan?
Twee kanten
Hendriksma vertelt zijn verhaal anno 2000 vanuit twee kanten. Enerzijds is er Lien, het meisje in kwestie, dat bijna vijftig jaar met Sybolt getrouwd geweest is en in 2000 als kersverse weduwe een brief van Eddy ontvangt. En anderzijds is er de schrijver, de zoon van Sybolt, die aan de hand van verhalen en brieven die periode in Indië reconstrueert. Hij richt zich daarbij rechtstreeks tot zijn gestorven vader, in een poging om te doorgronden wat deze destijds gevoeld moet hebben: Ik volg het spoor terug, zo ver als ik kan. […] Op mijn bureau heb ik alles verzameld: de boeken, de brieven, kopieën van het fotoalbum, verslagen van commandanten.
Kritiek
In korte fragmenten besteedt Hendriksma ook aandacht aan de destijds al steeds luider wordende kritiek op de aanwezigheid van de Nederlanders daar. Zij waren daar niet, zoals de vrijwillige soldaten bij vertrek wijsgemaakt was, om die arme Indische bevolking te beschermen tegen woeste, moordlustige criminelen, maar puur uit Hollands eigenbelang: het behoud van een winstgevende kolonie, met geweld tegen de vrijheidsstrijders. Of, zoals Duif, een andere vriend van Sybolt zich afvraagt ‘of jullie ’s nachts op patrouille niet de praktijken imiteerden van de Duitse bezetter’.
Draagwijdte
Toch blijft dit aspect ondergeschikt aan het verhaal over die vriendschap die kapotging door een muntje. Pas na Sybolts overlijden wordt de volledige draagwijdte van die daad duidelijk als Eddy, na tientallen jaren van stilte, contact opneemt met de net weduwe geworden Lien en haar, al wil ze het eigenlijk niet horen, vertelt wat hem daarna, indirect als gevolg van die kop-of-munt-actie is overkomen.
Hendriksma heeft uitputtend onderzoek gedaan naar de periode in Nederlands-Indië en zijn beschrijving van het landschap, de sfeer onder de soldaten en onder de lokale bevolking doen aan alsof hij er zelf bij was.
Met Kop leverde Hendriksma een gedegen roman af die aanvankelijk wat stijfjes en ouderwets aan doet, maar gaandeweg toch steeds meer overtuigt en ontroert.
Sonja de Jong
Martin Hendriksma – Kop. Alfabet Uitgevers, ISBN 978 90 213 4388 4, 238 pagina’s, € 23,99, februari 2026
