Zolang de zon nog schijnt - Hans Münstermann
Opgewekt maar met een op de achtergrond ruisende melancholie
Münstermann bekijkt als Andreas Klein zijn ouder wordende ik
Het is niet mijn taak als recensent om commentaar te leveren op titel of omslag van een boek. Maar toch kan ik het dit keer niet laten: zowel de titel als het omslag van Zolang de zon nog schijnt van Hans Münstermann doen denken aan de sfeer van de Hendrik Groenboeken. Misschien opzet, want die verkochten goed. Maar het doet dit boek tekort en het trekt het verkeerde publiek. Nu zullen zijn trouwe lezers zich niet snel op het verkeerde been laten zetten. Zij weten na 15 delen over Münstermanns alter ego Andreas Klein wel wat ze ongeveer kunnen verwachten van hem.
Over de auteur
Hans Münstermann (1947) is de zoon van een Duitse vader en een Nederlandse moeder. Hij publiceerde in de jaren tachtig en negentig samen met zijn vriend Jacques Hendrickx zes romans en enkele toneelstukken onder het pseudoniem Jan Tetteroo. Eind jaren negentig begon hij solo met schrijven over zijn alter ego Andreas Klein, net als hijzelf kind van ouders die in de oorlog fout waren en ook in andere opzichten sterk autobiografisch. Inmiddels verschenen vijftien boeken over Klein. Voor deel 5, De bekoring, ontving hij in 2006 de AKO Literatuurprijs. Ook in Zolang de zon nog schijnt wordt het verhaal verteld door Andreas Klein, die in een ultieme omkeertruc boeken zegt te publiceren onder het pseudoniem Hans Münstermann.
Ouder worden
In Zolang de zon nog schijnt probeert Andreas Klein/Münstermann te achterhalen wat het voor hem betekent om ouder te worden. ‘Ik vind het buitengewoon fascinerend om ouder te worden […] Elke dag ben ik benieuwd wat er nog zal veranderen, hoe ik me zal verhouden tot de wereld, wat ik nog aandurf.’ In dagboekvorm, een aaneenschakeling van kleine mijmeringen, observaties en dagelijkse gebeurtenissen, verhaalt hij over zijn liefde voor boeken, de leesclubs waar hij deel van uitmaakt en de boeken die hij leest (veel Thomas Mann, maar ‘Ik kan Lotte in Weimar nog steeds niet lezen, ik heb het voor de zoveelste keer weggelegd’)’, over de vrienden die hij bezoekt en de gesprekken die hij met hen voert. Over zijn dagen in Barcelona waar hij regelmatig woont in het huis van zijn overleden broer. En over zijn vrouw Isis.
Gastcurator
Aan het begin van zijn relatie met Isis wijdt hij een langer relaas, dat in fragmenten tussen de dagboeknotities verteld wordt. Hoe hij haar ontmoette toen zij een workshop gaf in Museum Willink Lohuis en hij daar als gastcurator een programma opzette rond het schilderij Las Meninas van Diego Velasquez. En hij haar meteen bij die eerste ontmoeting vroeg om samen met hem een dochter te maken. Wat overigens, toen ze eenmaal een relatie hadden, een zoon bleek te worden.
Eerste schooldag
Een ander thema dat telkens terugkeert ter afwisseling van de dagboeknotities is zijn eerste schooldag op de middelbare school toen zijn broek scheurde en hij de hele dag moest proberen ervoor te zorgen dat niemand dat zag. En een derde ‘rode lijn’ wordt gevormd door de eindeloos aanslepende verbouwing van zijn badkamer waar zowat alles misgaat wat er bij een dergelijke klus maar mis kan gaan.
En bij alles vraagt Münstermann/Klein zich af wat het betekent om ouder te worden. Zijn toenemende vergeetachtigheid, het feit dat hij zijn telefoon soms opeens kwijt is of niet op een bepaalde naam kan komen, is dat nou een bewijs dat hij ouder wordt? Regelmatig krijgt de dood een rol in zijn notities, als vrienden overlijden of ongeneeslijk ziek worden.
Zelf zegt hij over dit boek ‘Dit dagboek dat alle kanten opvliegt, maar me wel op de feiten drukt.’
Het is de schrijfstijl van Münstermann, ogenschijnlijk luchtig, maar elk woord doordacht, dat dit boek zijn kwaliteit geeft. De schrijver brengt het allemaal opgewekt, maar onder de oppervlakte is melancholie voelbaar. ‘Ik heb het gevoel dat ik hiermee klaar ben, dat ik niets meer toevoeg. Maar ik zal blijven schrijven, zolang de zon nog schijnt.’
Sonja de Jong
Hans Münstermann – Zolang de zon nog schijnt’, De Kring, ISBN 978 94 629 7344 2, 224 pagina’s, € 22,50, januari 2026
