Absolute democratie - Ilja Leonard Pfeijffer
Pfeijffer legt feilloos de vinger op de zere plek
Verplichte lectuur voor iedereen die het gevaar van extreemrechts ontkent
Je zou willen dat iedereen de essaybundel Absolute democratie van Ilja Leonard Pfeijffer zou lezen. En dan ook werkelijk zou lézen en niet bij voorbaat een oordeel zou hebben. Want in deze bundeling van essays die hij in 2024 en 2025 wekelijks voor het Vlaamse dagblad De Morgen schreef legt Pfeijffer met feilloze precisie de vinger op de talrijke zere plekken in onze huidige, steeds meer naar extreem-rechts neigende maatschappij. Zijn boek is één grote waarschuwing voor wat ons te wachten staat als domheid en vooroordelen blijven regeren.
Over de auteur
Ilja Leonard Pfeijffer (Rijswijk (Z-H), 1968) is classicus, dichter en schrijver. In die laatste hoedanigheid schrijft hij romans, toneelteksten, muziektheater, wetenschappelijke teksten en essays. In 2014 ontving hij de Libris Literatuurprijs voor zijn roman La Superba die daarna ook bekroond werd met de Prozaprijs van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letterkunde. Ook ander werk van hem werd veelvuldig bekroond. De laatste jaren heeft zowel zijn fictie- als zijn non-fictiewerk regelmatig de democratie en de dreigende teloorgang daarvan als onderwerp.
Kleine stapjes
‘’Kleine stapjes die stuk voor stuk weinig verontrustend lijken en die de rechtsstaat maar een heel klein beetje doen afbrokkelen […] Het is angstaanjagend eenvoudig om te negeren dat de democratie langzaam maar zeker ontmanteld wordt.’ Dat stelt Pfeijffer in de eerste van zijn essays, geschreven in januari 2024. En in de daarna volgende 300 pagina’s maakt hij onontkoombaar zichtbaar wat het gevaar is dat ons bedreigt als we niet gaan beseffen wat ze op het spel zetten.
Afglijden
Inspelend op de actualiteit - de opkomst van extreem-rechts in vele Europese landen, de verkiezing van Donald Trump, de gebeurtenissen in Gaza, de strapatsen van het kabinet van Dick Schoof - becommentarieert Pfeijffer, terdege onderbouwd, het gevaarlijke afglijden richting extreem-rechts. ‘Ter leniging van angst en onzekerheid biedt extreem-rechts de vlucht naar ooit, een tijd toen geluk nog heel gewoon was. Het historische fascisme en nationaalsocialisme halverwege de vorige eeuw werden op een vergelijkbare manier gedreven door bezieling van restauratie van vergane glorie en mythische grandeur die het volk zouden zijn ontfutseld door kwade krachten.’
Kippen zonder kop
Je zou wensen dat al die mensen die nu als kippen zonder kop op extreem-rechts stemmen, louter vanwege de vermeende overlast van asielzoekers (ons aangepraat door diezelfde extreem-rechtse leiders) nu eindelijk eens serieus gaan nadenken en zich verdiepen in de feiten. Pfeijffer voert talloze bewijzen aan voor het levensgevaarlijke, hellende vlak waarop we ons bevinden. Maar, zo constateert hij zelf: de meeste kiezers voor mensen als Trump en zijn soortgenoten zijn niet geïnteresseerd in feiten. ‘Kiezen voor Trump is een kwestie van identiteit. Zoals een supporter van Sampdoria of Genoa zijn team blijft steunen ook als het belabberd speelt, zo kan Trump zijn steun niet verliezen door erbarmelijk te regeren.’
Verbijsterd
Verbijsterd constateert Pfeijffer: ‘Het mag een formidabele prestatie van de rechtse spindoctors heten dat zij het voor elkaar hebben gekregen om het volk te doen geloven dat de problemen veroorzaakt zijn door links, ook in landen die de afgelopen jaren geregeerd zijn door rechtse regeringen. Ze hebben van links een scheldwoord weten te maken.’
Overigens is Pfeijffer ook kritisch ten aanzien van links: ‘Het rechts-populistische visioen van nostalgisch nationalisme ontleent zijn aantrekkingskracht mede aan het ontbreken van een aantrekkelijk alternatief. De linkse partijen zetten er weinig anders tegenover dan matiging en schuldgevoel: minder vliegvakanties, minder vlees, geen Zwarte Piet meer en geen vuurwerk met Oud en Nieuw. Links is het dromen verleerd.’
Harde cijfers
Regelmatig onderbouwt Pfeijffer zijn betoog met keiharde cijfers. Zoals over het landbouwbeleid: ‘Een derde deel van de totale begroting van de Europese Unie wordt gevormd door landbouwsubsidies, terwijl de agrarische sector goed is voor slechts 1,4 procent van het Bruto Nationaal Product in de EU-landen.’ Dit is een gevolg van besluiten die in de jaren na de oorlog genomen zijn, toen voedselschaarste dreigde en het landbouwbeleid gericht was op de bitter noodzakelijke schaalvergroting. ‘Dat beleid is sindsdien niet geactualiseerd. Gevolg is dat 20 procent van de rijkste boeren en de agrarische industrie 80 procent van de subsidies opstrijken. De facto subsidieert Europa de miljonairs en de agrarische industrie met buitensporige tegemoetkomingen.’
Eye-opener
Echte oplossingen draagt Pfeijffer niet aan, dat is wellicht ook te veel gevraagd. Maar als waarschuwing en oproep om ons niet langer achter makkelijke drogredenen te verschuilen, maar zelf te gaan nadenken, is dit boek een uitdagende eyeopener.
Sonja de Jong
Ilja Leonard Pfeijffer – Absolute democratie, kroniek van een aangekondigde afrekening. Arbeiderspers, ISBN 978 90 295 5504 3, 320 pagina’s’, € 23,99, februari 2026
