Tyr & Karó - Zwart ijs 4 - Ik doe of ik slaap - Yrsa Sigurðardóttir
Een meisje verdwijnt, een vrouw wordt vermoord
Wel heel erg veel gestoorde personages
Het lijkt wel of er geen normaal persoon voorkomt in Ik doe of ik slaap, het vierde en waarschijnlijk laatste deel in de reeks die de IJslandse Yrsa Sigurdardóttir schreef over het politieduo Tyr en Karó. De intrige ontaardt in een bijna onontwarbare kluwen van krankzinnige gebeurtenissen die in gang gezet zijn door even krankzinnige personages. Te veel van het goede en daardoor weinig geloofwaardig. Maar wel wordt eindelijk duidelijk wat er nu precies gebeurd is met Tyrs ouders toen hij nog een kleine jongen was, een drama dat vier delen lang boven alles hing.
Over de auteur
Yrsa Sigurðardóttir (Reykjavik, 1963) is een van de meest populaire thrillerschrijfsters van IJsland. Zij begon haar schrijfcarrière in 1998 met een kinderboek, maar stapte na vijf jeugdboeken (nooit naar het Nederlands vertaald) in 2005 over op misdaadromans. Ze werd vooral bekend door haar Freyja en Huldar-serie, die verscheen tussen 2014 en 2019.
Hoogzwanger
Het echtpaar Gudmar en Begga heeft een dochtertje, Kría, en heeft jarenlang geprobeerd een tweede kind te verwekken. Eindelijk is dat gelukt en Begga is hoogzwanger. Maar echt blij is het stel niet. Er zijn financiële problemen, het huwelijk staat onder druk door de jarenlange vergeefse pogingen om zwanger te worden inclusief hormoonbehandelingen. En de inmiddels negenjarige Kría is door de dagelijkse ruzies in huis ook niet de makkelijkste. Als zij vraagt of ze een nachtje in het tuinhuisje mag overnachten, gaan haar ouders daarmee akkoord om gezeur te vermijden.
Weeën
Maar precies die nacht beginnen de weeën bij Begga. In allerijl belt Gudmar zijn schoonmoeder en vraagt haar om op Kría te komen passen, zodat hij en Begga naar het ziekenhuis kunnen gaan. Zij vertrekken, schoonmama loopt naar haar auto, krijgt een hartaanval (want in dit boek gaat werkelijk alles mis wat maar mis kan gaan) en overlijdt ter plekke. Er is dus niemand die op Kría let en ook niemand die dat weet. De volgende ochtend blijkt zij spoorloos verdwenen te zijn. Is ze weggelopen? Of door iemand meegenomen?
Geen spoor
Als het onderzoek naar de verdwijning geen enkel spoor lijkt op te leveren en de zaak langzaam uit de krantenkolommen verdwijnt, besluiten Begga en Gudmar twee jaar later te gaan verhuizen naar een dorpje veraf waar ze samen met hun in die onheilsnacht geboren zoon Hrafn (die zwaar autistische trekken vertoont) een nieuw leven hopen op te bouwen. Als Hrafn negen jaar is, wordt Begga vermoord.
Koffer
Rond diezelfde tijd wordt in Reykjavik bij toeval in het huis van een drugsdealer een koffer gevonden waarin kleren die de kleine Kría in de nacht van haar verdwijning droeg, blijken te zitten. Politiemensen Tyr (al drie eerdere delen lijdend onder het feit dat zijn moeder met een bijl vermoord is door zijn dronken vader toen hij nog een kleuter was) en Karó (die heel veel last heeft van het feit dat zij een kleurtje heeft en daarom door mensen altijd als iets exotisch benaderd wordt) krijgen de opdracht naar het dorp van Gudmar en Begga te reizen om de ouders daar te confronteren met de vondst van de kleren. Maar Begga blijkt dan inmiddels net die dag met tientallen messteken vermoord gevonden.
Zoektocht
Wat volgt is een lange en vaak behoorlijk rommelige zoektocht waarin Sigurdardóttir vaak nodeloos uitweidt over zaken die niet ter zake doen voor het verhaal of dingen omslachtig uitlegt die volkomen vanzelfsprekend zijn. Er is sprake van een nieuwe bewoonster in het voormalige huis van Gudmar en Begga, van een buurvrouw met een hondje en een vriendin die geen vriendin blijkt te zijn, van een broer en een geldinzameling, van boekhoudfraude en verduistering. Met andere woorden: het verhaal slingert alle kanten op.
Jeugdtrauma’s
Dat zou nog niet zo erg zijn als het gros van de personages niet zo bizar was. Zelfs de meest normale worstelen met jeugdtrauma’s, depressiviteit en angsten. En een relatief groot aantal van hen is ronduit gestoord, kennelijk zonder dat dit ooit eerder iemand opgevallen is.
In het verleden heeft Sigudardóttir een aantal heel verdienstelijke, echt spannende thrillers geschreven. Maar deze Ik doe of ik slaap is helaas een tegenvaller.
Sonja de Jong
Yrsa Sigurðardóttir – Tyr & Karó/Zwart IJs 4 – Ik doe of ik slaap. (Oorspronkelijk gepubliceerd in 2023 als Ég lœt sem ég sofi bij Veröld, Reyjavik). Uit het IJslands vertaald door Willemien Werkman, Cargo, ISBN 978 94 031 0452 2, 400 pagina’s, € 23.99, juni 2026
